28-06-08

Company op dvd

41l0wTRWZaL__SS500_

Vorig jaar nog gezien op Broadway, vandaag uit op DVD: de revival van de geniale musical Company van Stephen Sondheim, met Raúl Esparza in de hoofdrol. Goed voor 246 voorstellingen, drie Tony’s (Beste Revival van een musical, beste acteur in een musical en beste regisseur van een musical) en een hele reeks Drama Desk Awards.

Company is zowel op het gebied van plot (relaties), structuur (niet lineair) als muziek (Sondheim, wat wil je?) baanbrekend. Het ‘verhaal’ draait rond Bobby, een vrijgezel die als de dood is voor een vaste relatie en aan de vooravond van zijn 35ste in een soort van existentiële crisis verzeild geraakt. Hij wordt geconfronteerd met vijf bevriende koppels en drie vriendinnen. De musical volgt echter geen logisch opgebouwd verhaal, maar is een aaneenrijging van korte sketches in willekeurige volgorde die verband houden met Bobby’s verjaardag.

Over Company zei Sondheim het volgende: “Het doorsnee publiek in een Broadway theater bestaat uit mensen van de hogere middenklasse die eventjes willen ontsnappen aan hun kleinburgerlijke en relationele problemen. Ik gooi die dan recht terug in hun gezicht.” Inderdaad, Company is de eerste musical die handelt over volwassen relationele problemen en waarbij de liedjes de karakters van de spelers illustreren zonder het verhaal vooruit te stuwen. En wat voor nummers! Company, Little Things You Do Together,   You Could Drive A Person Crazy, Another Hundred People, Getting Married Today, Barcelona, Ladies Who Lunch en Being Alive.

George Firth schreef het boek voor Company, dat oorspronkelijk Threes heette. Hij schreef het als een stuk met elf aktes, met Kim Stanley, een van Broadways grootste legendes, in het achterhoofd. Via Harold Prince belandde het boek op de tafel van Sondheim. De musical opende op 26 april 1970, met een schitterende Elaine Stritch als Joanne, en hield het 705 voorstellingen vol. Een documentaire over de opnames van de soundtrack is verkrijgbaar op dvd, helaas enkel in zone 1.

De remake echter kan je bewonderen op een zone 2-schijfje. Raúl Esparza is ronduit schitterend in de rol van Bobby. Hij speelt met een naturel die zeldzaam is en zingt prachtig. Ook de rest van de cast levert een topprestatie. Alleen Barbara Walsh als Joanne stelde me ietwat teleur. Op de dvd-versie zingt ze ronduit vals (het begin van The Little Things... is niet te aanhoren) en hoewel ze een fantastische uitstraling heeft, bezondigt ze zich soms aan overacting (vooral in de schreeuwbuien). Maar ja, ik ben dan ook een hardcore Stritch fan.

Tot slot nog dit: net als in de revival van Sweeney Todd (2005-2006, 349 voorstellingen, met Patti LuPone en Michael Cerveris) zorgen ook in Company de artiesten zelf voor de muzikale begeleiding. Je bent begenadigd, of je bent het niet (snik).

En dankzij YouTube kan je een voorproefje krijgen:

You Could Drive A Person Crazy

 

Ladies Who Lunch

Not Getting Married Today

Being Alive

 En dan nu: de valse noten van Walsh:

09:27 Gepost door Jean Lievens in optreden | Permalink | Commentaren (0) | Tags: sondheim, 031, company |  Facebook |

21-05-07

I’m still here

 

 

I’m still here In het bovenstaande Youtube filmpje geeft Yvonne De Carlo wat meer uitleg over “I’m still here” uit de Sondheim musical Follies, een geliefkoosd nummer van heel wat actrices en zangeressen die kunnen terugblikken op een rijk gevuld leven: Nancy Walker, Carol Burnett, Shirley MacLaine, Ann Miller, Eartha Kitt, Elaine Stritch… Een ijzersterk nummer voor straffe dames. Dat De Carlo het even moeilijk heeft met de tekst, is niet te verwonderen. Het zijn lyrics om u tegen te zeggen. Maar naarmate de jaren verstrijken, worden de referenties die Sondheim gebruikt voor het grote publiek steeds moeilijker verstaanbaar. Hier volgt de volledige tekst met uitleg waar (eventueel) nodig.  Good times and bum times,
I've seen them all and, my dear,
I'm still here.

Plush velvet sometimes,
Sometimes just pretzels (1) and beer,
But I'm here.
 (1): Pretzel = zoute krakeling               I've stuffed the dailies (2)In my shoesStrummed ukeleles (3)
(2) Dailies: slaat op dagbladen die gebruikt worden ter vervanging van de zolen in versleten schoenen.
 (3) Ukuleles: Ukelele is een tokkelinstrument uit Hawaï dat in de jaren 20 een echte rage werd in de VS. Sung the bluesSeen all my dreams disappearBut I'm here I've slept in shanties,
Guest of the W.P.A (4).,
But I'm here.
 (4) W.P.A.: Work Projects Administration (1935–1943). Een Amerikaans overheidsagentschap tijdens de New Deal dat een uitgebreid programma van openbare werken ondernam om de werkloosheid te lijf te gaan.
Danced in my scanties,
Three bucks a night was the pay,
But I'm here.

I've stood on bread lines
With the best,
Watched while the headlines
Did the rest.
 In the Depression was I depressed?
Nowhere near.
I met a big financier
And I'm here.

I've been through Gandhi (5),
Windsor and Wally's affair (6),
And I'm here.
 (5) Gandhi: Indiaas onafhankelijkheidsstrijder die op zich een niet gewelddadige manier verzette tegen de Britse overheersing. Zijn beweging leidde tot de terugtrekking van de Britten uit India in 1947. (6) Windsor and Wally’s affair: Refereert naar wat bij ons beter bekend staat als de Simpson-affaire, de verhouding tussen Koning Edward VIII, staatshoofd van Groot-Brittannië in 1936, en Wallis Warfield Simpson, een Amerikaanse gescheiden vrouw. Edward deed troonsafstand om met haar te kunnen trouwen.
Amos 'n' Andy (7),
Mah-jongg and platinum hair (8),
And I'm here.

(7) Amos ‘n Andy: Een populair programma over het komische leven van twee zwarte mannen. Aanvankelijk een radioshow die startte in 1929 met blanke acteurs, opgevolgd in 1949 door een tv-show met zwarte spelers. In 1965 verdween de serie van het scherm vanwege de stereotypering van zwarten.
 (8) Mahjongg: Een Chinees tegelspel dat zeer populair werd in de Amerikaanse voorsteden in de jaren 20. I got through Abie's
Irish Rose (9),
Five Dionne babies (10),
Major Bowes (11),
 (9) Abie’s Irish Rose: Een toneelstuk dat opende in 1922 en het 2.532 voorstellingen uithield, tot dan een ongehoord record.
(10) Five Dionne Babies: In 1934 haalde het echtpaar Dionne alle krantenkoppen met een vijfling.

(11) Major Bowes: Was de producer en presentator van een populair radioprogramma.

Had heebie-jeebies (12)
For Beebe's
Bathysphere (13).

(12) Heebie-Jeebies: is de naam van een melodie, maar wordt ook gebruikt om een gevoelen van neerslachtigheid of angst te beschrijven.
           
(13) Beebe’s Bathysphere: William Beebe was de uitvinder van de Bathysphere, een sferische diepzeeduikboot die vooral wordt gebruikt om het leven onderwater te bestuderen.
 I lived through Shirley Temple (14)
And I'm here.
 (14) Shirley Temple: Razend populair kindersterretje gedurende de grote depressie. Oorspronkelijke tekst had het over de in Europa minder bekende Brenda Frazier.
I've gotten through Herbert and J. Edgar Hoover (15 & 16),
Gee, that was fun and a half.
When you've been through Herbert and J. Edgar Hoover,
Anything else is a laugh.
 (15) Herbert (Hoover): President van de Verenigde Staten van 1928 to 1934. Hij kreeg de schuld van de Grote Depressie in de schoenen geschoven.  (16) J. Edgar Hoover: stond aan het hoofd van de FBI van 1921 tot aan zijn dood in 1972. Bekend voor onder meer zijn strijd tegen gangsterbendes tijdens de drooglegging en zijn anticommunistische campagne na WOII die aanleiding gaf tot de zwarte lijst en de heksenjacht van McCarthy. Na zijn dood kwamen bewijsstukken naar boven dat hij vrouwenkleren droeg en waarschijnlijk homoseksueel was.
I've been through Reno (17)
I've been through Beverly Hills,
And I'm here.
 (17) Reno: Na Las Vegas de belangrijkste gokstad in Nevada. Maar daar waar Vegas bekend staat voor zijn snelle en gemakkelijke huwelijken, heeft Reno zijn faam te danken aan dito echtscheidingen.
Reefers and vino (18),
Rest cures, religion and pills,
And I'm here
 (18) Reefers and Vino: Reefers zijn marihuanasigaretten, vino is natuurlijk wijn.
Been called a pinko
Commie tool (19),
Got through it stinko
By my pool.

(19) Pinko Commie tool: (pinko slaat op communistische propaganda) Referentie naar de heksenjacht tegen communisten van begin jaren 50, ingezet door senator Joseph McCarthy.
 I should have gone to an acting school.
That seems clear,
Still, someone said, "She's sincere,"
So I'm here.

Black sable one day.
Next day it goes into hock (20),
But I'm here.
 (20) hock: verkocht aan een pandjesbaas voor cash. Top billing Monday (21),
Tuesday you're touring in stock (22),
But I'm here.
 (21) Top billing: De eerste naam die vermeld wordt in de eindgeneriek van een show. De ster.  (22) stock: hier wordt bedoeld een theater buiten New York City.
First you're another
Sloe-eyed vamp,
Then someone's mother,
Then you're camp.

Then you career from career
To career.
I'm almost through my memoirs.
And I'm here.

I've gotten through "Hey, lady, aren't you whoozis?
Wow! What a looker you were."
Or, better yet, "Sorry, I thought you were whoozis.
Whatever happened to her?"

Good times and bum times,
I've seen 'em all and, my dear,
I'm still here.

Flush velvet sometimes,
Sometimes just pretzels and beer,
But I'm here.

I've run the gamut.
A to Z.
Three cheers and dammit,
C'est la vie.

I got through all of last year
And I'm here.
Lord knows, at least I was there,
And I'm here!
Look who's here!
I'm still here!

Versie van Shirley MacLaine uit de film 'Postcards from the Edge' met Meryl Streep. Er schiet wel niet veel meer over van de oorspronkelijke tekst...

 

Een fel ingekorte versie van Polly Bergen tijdens de uitreiking van de Tony's:

 

15:20 Gepost door Jean Lievens in optreden | Permalink | Commentaren (0) | Tags: 013, i m still here, yvonne de carlo, broadway, sondheim, 022 |  Facebook |

08-04-07

De Tony Awards

 

De Tony Awards zijn voor Broadway wat de Oscars zijn voor de filmindustrie. Ook theatermensen zetten zichzelf graag in de bloemetjes. Af en toe wint een acteur zelfs een Oscar én een Tony voor dezelfde rol, zoals Yul Brynner voor zijn vertolking van de koning van Siam in “The King and I”, of Rex Harrison voor die van Henry Higgins in ‘My Fair Lady’. Maar dat gebeurt zelden.

 

Voluit heten de Tony Awards de “Antoinette Perry Awards”, genoemd naar een Amerikaanse toneelactrice en medestichter van de acteursvereniging ‘American Theatre Wing’. Na haar overlijden in 1946 besloot de vereniging jaarlijks toneelprijzen uit te reiken die haar naam dragen. Spijtig voor haar weet vandaag praktisch geen kat meer waar de Tony Awards hun benaming vandaan halen.

 

De eerste uitreiking vond plaats tijdens een diner in de grote balzaal van het Waldorf-Astoria hotel. Vanaf 1967 kwam de prijsuitreiking ook op de beeldbuis, waardoor miljoenen Amerikanen voor het eerst fragmenten van Broadway-voorstellingen live konden volgen. Dankzij die uitzendingen zijn een aantal historische vertolkingen bewaard gebleven, want van de meeste shows bestaat helaas geen beeldmateriaal.

 

Ook vandaag mag er in het theater absoluut niet gefilmd worden, maar dankzij een aantal malafide toeschouwers, gewapend met een camcorder (goddank dat ze bestaan), zijn moderne shows (en revivals) nu in stukken en brokken te bekijken op YouTube (voor zolang dat nog zal duren). Optredens van vergane glories zoals Gwen Verdon, Chita Rivera, Angela Lansbury, Robert Goulot, Gerry Orbach, Zero Mostel, Ann Miller en nog zoveel anderen kan je bewonderen op de schitterende dvd-reeks Broadway’s Lost Treasures, helaas enkel verkrijgbaar op zone 1-dvd’s.

 

In 1997 verhuisde de uitreiking van de Tony’s naar de gigantische Radio City Music Hall (goed voor 6.000 toeschouwers), zodat ook normale stervelingen er een plaatsje kunnen bemachtigen. Voor tikets kan je terecht op tonyawards.com.

 

Wie kiest de winnaars?

 

Het nominatiecomité van de Tony Awards bestaat uit dertig professionele theatermensen (agenten, acteurs, regisseurs, enz.) die elke show gaan zien en hun voorkeur uitdrukken per geheime stemming. Doorgaans komen elk jaar een paar verrassingen uit de bus, maar de meeste genomineerden beantwoorden aan de verwachtingen van het grote publiek. In het zog van de Oscars (Michael Moore, Marlon Brando), hebben ook de Tony’s af en toe een schandaal te verwerken. Zo zag Julie Andrews in 1996 af van haar nominatie voor haar rol in Victor/Victoria, omdat haar medespelers en regisseur (Blake Edwards) over het hoofd waren gezien. De Tony ging dat jaar naar Donna Murphy voor haar rol van Anna in “The King and I”. Of ze had gewonnen indien Julie Andrews zich niet had teruggetrokken, zullen we nooit weten.

 

Tot daar de manier waarop de nominaties tot stand komen. De eigenlijk verkiezing gebeurt door ongeveer 750 theatermensen. Ze moeten alle genomineerde shows hebben gezien. Zoniet, moeten ze beloven dat ze niet zullen stemmen in een categorie waarbinnen ze niet alle genomineerden hebben gezien. Zwakke schakel: er is geen controle. 

 

Enkele records

 

The Producers

Ik zal nooit begrijpen waarom, maar The Producers (2001) sleepte het grootste aantal nominaties (15) uit de geschiedenis van de Tony-uitreiking in de wacht. De Mel Brooks musical triomfeerde in 13 categorieën, ook een record. De Producers heeft me in elk geval één ding geleerd: een Tony is geen garantie voor een genietbare musical. En 13 zeker niet.  

 

Harold Prince

Harold Prince heeft in zijn theatercarrière een recordaantal van 21 Tony Awards gewonnen, waarvan acht voor regie en acht voor productie.

 

Stephen Sondheim

Stephen Sondheim is de componist die het vaakst in de prijzen viel: beste muziek en beste tekst voor Company (1971), beste score voor Follies (1972), A Little Night Music (1973), Sweeney Todd (1979), Into the Woods (1988) en Passion (1994).

 

Bob Fosse

Bob Fosse, regisseur van ondermeer Cabaret, is de choreograaf met de meeste Awards, namelijk acht, voor The Pajama Game (1955), Damn Yankees (1956), Redhead (1959), Little Me (1963), Sweet Charity (1966), Pippin (1973), Dancin' (1978), and Big Deal (1986). Bovendien haalde hij er nog een binnen voor de regie van Pippin (1973). Hij is ook de enige regisseur die in hetzelfde jaar (1973° zowel een Oscar (Cabaret), twee Tony's (Pippin) als een Emmy (Liza with a Z) won.

 

Angela Lansbury

Angela sleepte vier Tony’s in de wacht voor beste hoofdrolspeelster in Mame (1966), Dear World (1969), Gypsy (1974), Sweeney Todd (1979). Vanaf mei 2007 staat ze na twee decennia afwezigheid op Broadway samen met Marian Seldes opnieuw op de planken in ‘Deuce’ (Music Box Theatre), een stuk over twee bejaarde tennisspeelsters. Angela Lansbury wordt dit jaar 82.

04-04-07

Broadway: een introductie

Waar beginnen? Misschien met te zeggen dat Broadway eigenlijk de naam is van een lange straat die Manhattan diagonaal doorkruist. In die hoedanigheid heeft Broadway eigenlijk niet zo gek veel te maken met de Amerikaanse musical waarmee de straat geassocieerd wordt. De meeste theaters bevinden zich immers in de zijstraten, tussen 42 Street en 54 Street, links en rechts begrensd door Sixth en Eighth Avenue.

 

Times Square, ooit het Sodom en Gomorra van New York, is het kloppende hart van het theaterdistrict. Om plaats te ruimen voor Disney ging voormalig burgemeester Rudy Giuliani er met de grove borstel door en toverde de buurt rond Times Square om tot een van de veiligste in de stad. Seksshops sloten hun deuren, hoeren trokken westwaarts, dealers naar het noorden. Links en rechts schoten politieagenten een zwarte neer omdat ze zijn gsm verwarden met een pistool, maar hé, veiligheid heeft zijn prijs. Ook in de oorlog tegen de misdaad is er ‘collateral damage’.

 

Een Broadway-theater wordt gedefinieerd als een professioneel New Yorks theater dat plaats biedt aan minstens 500 man. Een Broadway-show is om het even welke voorstelling in een Broadway-theater, dus niet alleen een musical, maar ook een theaterstuk, onemanshow of ander optreden. Maar dat is theorie. Voor mij (en vele anderen) betekent Broadway maar één ding: musicals! Glitter, pailletten, gogogirls en boys, veren, pluimen, diva’s, beroemde artiesten, YES!

 

Broadway verovert de wereld

 

De Amerikaanse musical is gegroeid uit opera en operette, overgoten met een saus van vaudeville, revue en burlesk. In een musical werken muziek, drama en dans samen om een verhaal te vertellen. ‘Showboat’ (1927) is de eerste musical die aan die definitie beantwoordt. Tot in de jaren dertig reikte de roem van Broadway niet veel verder dan New York. Maar met de doorbraak van de geluidsfilm viel Broadway wereldroem te beurt. Musicals waren ideaal voor de nieuwe geluidsfilms. De apparaten wogen immers een ton, zodat van zwierige camerabewegingen geen sprake was. In een Broadwayshow bewogen de artiesten dat het een lust was om zien, zodat de ‘motion picture’ zijn naam waardig kon blijven. De Hollywood Musical van de jaren dertig ging dan ook zijn mosterd halen in The Big Apple. Broadwaysterren als Fred Astaire werden er door de filmstudio’s van het podium geplukt om hun talenten te laten botvieren op het zilveren scherm.

 

De trek van New York naar het lucratievere Los Angeles is sindsdien niet meer gestopt. Veel tv- en filmsterren begonnen hun carrière op de planken van een Broadway theater: Bette Midler, Shirley McClain, maar ook Bea Arthur (Dorothy uit de ‘Golden Girls’), Tom Bosley (Howard Cunningham uit ‘Happy Days’), Jerry Orbach (Lennie Briscoe uit ‘Law & Order’), Bebe Neuwirth (Lilith uit ‘Cheers’), de lijst is lang. Vandaag is meer en meer een omgekeerde beweging aan de gang. Om bezoekers naar de theaters te lokken, gebruiken theater- en musicalproducenten steeds vaker bekende tv- en filmartiesten als lokaas. Sommigen kunnen er best hun mannetje staan zoals Antonio Banderas in ‘Nine’ of countryzangers Reba McEntire in ‘Annie Get Your Gun’. Maar anderen gaan compleet de mist in, zoals Fay Dunaway die zo slecht zong tijdens de repetities van ‘Sunset Boulevard’ dat de productie nog voor de opening werd stilgelegd.

 

Gloriedagen, verval en heropstanding

 

Het gouden tijdperk van Broadway ligt in de jaren 40 en 50, met ondermeer musicals van Richard Rogers, Oscar Hammerstein, Jerome Kern, Cole Porter, Irving Berlin… Door de opkomst van de rock-’n-roll als reactie tegen het ondrukkende klimaat van de jaren vijftig werd de traditionele Broadway musical steeds meer als hopeloos ouderwets versleten. Te dromerig, te zoet, te romantisch… Met ‘West Side Story’ gaven Leonard Bernstein (muziek) en Stephen Sondheim (tekst) in 1957 een schot voor de boeg. Een musical waarin beide hoofdrolspelers sterven, dat was nog nooit vertoond (tenzij misschien in ‘Carousel’ van Rogers & Hammerstein). Een musical moest immers vrolijk zijn, waarom ging je er anders heen? Maar behalve de originaliteit van het verhaal deden ook de opzwepende muziek en briljante teksten een nieuwe wind waaien door de stoffige Broadway theaters. Hoewel musicals als ‘The Sound of Music’, ‘Mary Poppins’, ‘My Fair Lady’ en ‘Oliver!’ in de jaren 60 nog hoge toppen schoren, was het genre eigenlijk over zijn hoogtepunt heen. De botsing tussen oud en nieuw werd in het theater briljant geïllustreerd in ‘Fidder on the Roof”. De door Tevye zo gekoesterde tradities die hij bij de aanvang bejubelt in het openingsnummer "Tradition", moeten er in de loop van de voorstelling een voor een aan geloven. Het oude tsarisme kraakt in zijn voegen, de revoluties van 1905 en 1917 die als een gloedgolf komaf zullen maken met alle oude waarden en gedachten staat voor de deur. Hetzelfde lot staat de traditionele Broadway musical te wachten. De verfilming van Fiddler (1971) was een van de laatste musicals ‘van de oude stempel’ die nog furore maakte in de bioscopen. ‘Mame’ (1974) flopte grandioos aan de kassa en ook ‘Hello Dolly’ van Gene Kelly (1969) kon de verwachtingen niet inlossen.

 

Inmiddels deed een nieuw genre zijn intrede op Broadway, de rockopera: ‘Hair’, ‘Oh Calcutta’, en het uit Groot-Brittannië overgewaaide ‘Jesus Christ Superstar’ en ‘Tommy’. In het baanbrekende ‘Cabaret’ (1967!) leverden de muzikale nummers commentaar bij de plot zonder er deel van uit te maken. Thema’s als homoseksualiteit, racisme, fascisme en abortus waren niet meteen conventionele musicalthema’s, maar ‘Cabaret’ integreerde ze naadloos in een ijzersterk verhaal, opgesmukt met schitterende muzikale nummers. In ‘Company’ (1970) steekt Stephen Sondheim de draak met het huwelijk en confronteert het kleinburgerlijke theaterpubliek met de problemen waaraan ze net wilden ontsnappen. Sondheim is wellicht de grootste vernieuwer van het muzikale theater. Geen thema was hem te vreemd om op muziek te zetten: een seriemoordenaar die met behulp van zijn buurvrouw het vlees van zijn slachtoffers verwerkt in pasteien (‘Sweeney Todd’, momenteel in verfilming door Tim Burton), het tot stand komen van ‘Un dimanche après-midi à l’île de la Grande Jatte’, het beroemde schilderij van Georges Seurat (‘Sunday in the Park with George’), moorden op Amerikaanse presidenten (‘Assasins’), een bewerking van een stuk van Aristophanes (‘The Frogs’) of van een film van Ingmar Bergman ('A Little Nightmusic', met Sondheims bekendste nummer ‘Send in the Clowns’). Hoewel Sondheim al zeven Tony’s in de wacht heeft gesleept, is veel van zijn oeuvre alles behalve commercieel. Geniaal, maar vaak onvoldoende toegankelijk om het grote publiek gedurende een lange tijd naar het theater te lokken.  En als een stuk in Amerika onvoldoende geld opbrengt, telt het niet mee. Nu goed, Sondheim heeft ook commerciële successen geoogst, maar daar kom ik later op terug.

 

De opkomst van de popcultuur luidde dus het verval in van de traditionele Broadway musical. Times Square verloederde, theaters verkommerden, het publiek bleef weg. Maar de redding was nabij. Disney en Londen bliezen Broadway nieuw leven in. Disney met muzikale theaterproducties van tekenfilms zoals’ The Beauty and the Beast’ en ‘The Lion King’, Londen met de musicals van Andrew Lloyd Webber: ‘Cats’, 'Les Miz' en ‘The Phantom of the Opera’. En in het zog van hun succes, hebben veel van de oudere musicals een tweede adem gevonden, zoals ‘Fiddler on the Roof’, ‘Thoroughly Modern Millie’, ‘42 Street’, ‘Gypsy’, maar ook recentere zoals ‘Company’, ‘Sweeney Todd’, ‘La Cage aux Folles’, ‘Chicago’ en ‘Cabaret’.

 

De heropleving van Broadway is een zegen voor toeristen als ik, die als kind alleen maar kon dromen van het bijwonen van die fantastische shows in de magische stad New York. Maar de oude New Yorker die de tijd nog heeft gekend waarin het theater goedkoper was dan de bioscoop zal waarschijnlijk twee keer nadenken vooraleer hij honderd dollar ophoest om een Broadwayshow bij te wonen. Volgens Sondheim is dat ook de reden waarom vrijwel elke show vandaag eindigt met een staande ovatie: mensen hebben diep in hun buidel getast en willen laten merken dat het de moeite waard is geweest… Het handengeklap als teken van deelname, als uiting om de avond op te eisen. Maar hé, er zijn nog genoeg shows die hun applaus echt verdienen.     

22:14 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) | Tags: 002, new york, amerika, sondheim, rogers hammerstein, broadway, gay |  Facebook |