04-04-07

Broadway: een introductie

Waar beginnen? Misschien met te zeggen dat Broadway eigenlijk de naam is van een lange straat die Manhattan diagonaal doorkruist. In die hoedanigheid heeft Broadway eigenlijk niet zo gek veel te maken met de Amerikaanse musical waarmee de straat geassocieerd wordt. De meeste theaters bevinden zich immers in de zijstraten, tussen 42 Street en 54 Street, links en rechts begrensd door Sixth en Eighth Avenue.

 

Times Square, ooit het Sodom en Gomorra van New York, is het kloppende hart van het theaterdistrict. Om plaats te ruimen voor Disney ging voormalig burgemeester Rudy Giuliani er met de grove borstel door en toverde de buurt rond Times Square om tot een van de veiligste in de stad. Seksshops sloten hun deuren, hoeren trokken westwaarts, dealers naar het noorden. Links en rechts schoten politieagenten een zwarte neer omdat ze zijn gsm verwarden met een pistool, maar hé, veiligheid heeft zijn prijs. Ook in de oorlog tegen de misdaad is er ‘collateral damage’.

 

Een Broadway-theater wordt gedefinieerd als een professioneel New Yorks theater dat plaats biedt aan minstens 500 man. Een Broadway-show is om het even welke voorstelling in een Broadway-theater, dus niet alleen een musical, maar ook een theaterstuk, onemanshow of ander optreden. Maar dat is theorie. Voor mij (en vele anderen) betekent Broadway maar één ding: musicals! Glitter, pailletten, gogogirls en boys, veren, pluimen, diva’s, beroemde artiesten, YES!

 

Broadway verovert de wereld

 

De Amerikaanse musical is gegroeid uit opera en operette, overgoten met een saus van vaudeville, revue en burlesk. In een musical werken muziek, drama en dans samen om een verhaal te vertellen. ‘Showboat’ (1927) is de eerste musical die aan die definitie beantwoordt. Tot in de jaren dertig reikte de roem van Broadway niet veel verder dan New York. Maar met de doorbraak van de geluidsfilm viel Broadway wereldroem te beurt. Musicals waren ideaal voor de nieuwe geluidsfilms. De apparaten wogen immers een ton, zodat van zwierige camerabewegingen geen sprake was. In een Broadwayshow bewogen de artiesten dat het een lust was om zien, zodat de ‘motion picture’ zijn naam waardig kon blijven. De Hollywood Musical van de jaren dertig ging dan ook zijn mosterd halen in The Big Apple. Broadwaysterren als Fred Astaire werden er door de filmstudio’s van het podium geplukt om hun talenten te laten botvieren op het zilveren scherm.

 

De trek van New York naar het lucratievere Los Angeles is sindsdien niet meer gestopt. Veel tv- en filmsterren begonnen hun carrière op de planken van een Broadway theater: Bette Midler, Shirley McClain, maar ook Bea Arthur (Dorothy uit de ‘Golden Girls’), Tom Bosley (Howard Cunningham uit ‘Happy Days’), Jerry Orbach (Lennie Briscoe uit ‘Law & Order’), Bebe Neuwirth (Lilith uit ‘Cheers’), de lijst is lang. Vandaag is meer en meer een omgekeerde beweging aan de gang. Om bezoekers naar de theaters te lokken, gebruiken theater- en musicalproducenten steeds vaker bekende tv- en filmartiesten als lokaas. Sommigen kunnen er best hun mannetje staan zoals Antonio Banderas in ‘Nine’ of countryzangers Reba McEntire in ‘Annie Get Your Gun’. Maar anderen gaan compleet de mist in, zoals Fay Dunaway die zo slecht zong tijdens de repetities van ‘Sunset Boulevard’ dat de productie nog voor de opening werd stilgelegd.

 

Gloriedagen, verval en heropstanding

 

Het gouden tijdperk van Broadway ligt in de jaren 40 en 50, met ondermeer musicals van Richard Rogers, Oscar Hammerstein, Jerome Kern, Cole Porter, Irving Berlin… Door de opkomst van de rock-’n-roll als reactie tegen het ondrukkende klimaat van de jaren vijftig werd de traditionele Broadway musical steeds meer als hopeloos ouderwets versleten. Te dromerig, te zoet, te romantisch… Met ‘West Side Story’ gaven Leonard Bernstein (muziek) en Stephen Sondheim (tekst) in 1957 een schot voor de boeg. Een musical waarin beide hoofdrolspelers sterven, dat was nog nooit vertoond (tenzij misschien in ‘Carousel’ van Rogers & Hammerstein). Een musical moest immers vrolijk zijn, waarom ging je er anders heen? Maar behalve de originaliteit van het verhaal deden ook de opzwepende muziek en briljante teksten een nieuwe wind waaien door de stoffige Broadway theaters. Hoewel musicals als ‘The Sound of Music’, ‘Mary Poppins’, ‘My Fair Lady’ en ‘Oliver!’ in de jaren 60 nog hoge toppen schoren, was het genre eigenlijk over zijn hoogtepunt heen. De botsing tussen oud en nieuw werd in het theater briljant geïllustreerd in ‘Fidder on the Roof”. De door Tevye zo gekoesterde tradities die hij bij de aanvang bejubelt in het openingsnummer "Tradition", moeten er in de loop van de voorstelling een voor een aan geloven. Het oude tsarisme kraakt in zijn voegen, de revoluties van 1905 en 1917 die als een gloedgolf komaf zullen maken met alle oude waarden en gedachten staat voor de deur. Hetzelfde lot staat de traditionele Broadway musical te wachten. De verfilming van Fiddler (1971) was een van de laatste musicals ‘van de oude stempel’ die nog furore maakte in de bioscopen. ‘Mame’ (1974) flopte grandioos aan de kassa en ook ‘Hello Dolly’ van Gene Kelly (1969) kon de verwachtingen niet inlossen.

 

Inmiddels deed een nieuw genre zijn intrede op Broadway, de rockopera: ‘Hair’, ‘Oh Calcutta’, en het uit Groot-Brittannië overgewaaide ‘Jesus Christ Superstar’ en ‘Tommy’. In het baanbrekende ‘Cabaret’ (1967!) leverden de muzikale nummers commentaar bij de plot zonder er deel van uit te maken. Thema’s als homoseksualiteit, racisme, fascisme en abortus waren niet meteen conventionele musicalthema’s, maar ‘Cabaret’ integreerde ze naadloos in een ijzersterk verhaal, opgesmukt met schitterende muzikale nummers. In ‘Company’ (1970) steekt Stephen Sondheim de draak met het huwelijk en confronteert het kleinburgerlijke theaterpubliek met de problemen waaraan ze net wilden ontsnappen. Sondheim is wellicht de grootste vernieuwer van het muzikale theater. Geen thema was hem te vreemd om op muziek te zetten: een seriemoordenaar die met behulp van zijn buurvrouw het vlees van zijn slachtoffers verwerkt in pasteien (‘Sweeney Todd’, momenteel in verfilming door Tim Burton), het tot stand komen van ‘Un dimanche après-midi à l’île de la Grande Jatte’, het beroemde schilderij van Georges Seurat (‘Sunday in the Park with George’), moorden op Amerikaanse presidenten (‘Assasins’), een bewerking van een stuk van Aristophanes (‘The Frogs’) of van een film van Ingmar Bergman ('A Little Nightmusic', met Sondheims bekendste nummer ‘Send in the Clowns’). Hoewel Sondheim al zeven Tony’s in de wacht heeft gesleept, is veel van zijn oeuvre alles behalve commercieel. Geniaal, maar vaak onvoldoende toegankelijk om het grote publiek gedurende een lange tijd naar het theater te lokken.  En als een stuk in Amerika onvoldoende geld opbrengt, telt het niet mee. Nu goed, Sondheim heeft ook commerciële successen geoogst, maar daar kom ik later op terug.

 

De opkomst van de popcultuur luidde dus het verval in van de traditionele Broadway musical. Times Square verloederde, theaters verkommerden, het publiek bleef weg. Maar de redding was nabij. Disney en Londen bliezen Broadway nieuw leven in. Disney met muzikale theaterproducties van tekenfilms zoals’ The Beauty and the Beast’ en ‘The Lion King’, Londen met de musicals van Andrew Lloyd Webber: ‘Cats’, 'Les Miz' en ‘The Phantom of the Opera’. En in het zog van hun succes, hebben veel van de oudere musicals een tweede adem gevonden, zoals ‘Fiddler on the Roof’, ‘Thoroughly Modern Millie’, ‘42 Street’, ‘Gypsy’, maar ook recentere zoals ‘Company’, ‘Sweeney Todd’, ‘La Cage aux Folles’, ‘Chicago’ en ‘Cabaret’.

 

De heropleving van Broadway is een zegen voor toeristen als ik, die als kind alleen maar kon dromen van het bijwonen van die fantastische shows in de magische stad New York. Maar de oude New Yorker die de tijd nog heeft gekend waarin het theater goedkoper was dan de bioscoop zal waarschijnlijk twee keer nadenken vooraleer hij honderd dollar ophoest om een Broadwayshow bij te wonen. Volgens Sondheim is dat ook de reden waarom vrijwel elke show vandaag eindigt met een staande ovatie: mensen hebben diep in hun buidel getast en willen laten merken dat het de moeite waard is geweest… Het handengeklap als teken van deelname, als uiting om de avond op te eisen. Maar hé, er zijn nog genoeg shows die hun applaus echt verdienen.     

22:14 Gepost door Jean Lievens in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) | Tags: 002, new york, amerika, sondheim, rogers hammerstein, broadway, gay |  Facebook |